Woman teaching adorable smart dog Australian Shepherd new commands during obedience training

Ik wil niet dat mijn hond trekt aan de lijn…, ik wil niet dat mijn hond zijn voerbak verdedigt…, ik wil niet dat mijn hond mij voortdurend poten geeft als ik de krant lees…, ik wil niet dat mijn hond van tafel of het aanrecht steelt…, ik wil niet dat …, soms lijkt het wel of men een robot wil in plaats van een hond van vlees en bloed. Toch kunnen al die zaken gerealiseerd worden. Heel simpel door niet langer te denken aan wat u níet wilt, maar door te denken aan wat u wél wilt.

In dit artikel geef ik je belangrijk advies over je jouw hond kan opvoeden.

Vervang ‘IK WIL NIET DAT MIJN HOND TREKT AAN DE LIJN’ door ‘IK WIL GRAAG DAT MIJN HOND NETJES MEELOOPT’

Een hond die een beetje aan de lijn trekt is helemaal niet zo erg. Helaas trekken de meeste honden niet maar een beetje, zij trekken meestal hard en vaak sleuren ze hun eigenaar, die niet bij machte is de hond te remmen. als een gek voort. Voor de meeste mensen is dat behoorlijk lastig en zeker frustrerend. Het is immers helemaal niet prettig als de hele wereld ziet dat je weinig over je hond te vertellen hebt. Bovendien neemt een hond die trekt tijdens de wandeling de leiding op zich en is niet met u maar met zijn omgeving bezig. Zo kan probleemgedrag als uitvallen naar andere honden of mensen ontstaan. U heeft dus alle reden om in dat gedrag verandering aan te brengen.

Een slappe lijn maakt een heel verschil
Een hond die trekt is met zijn omgeving bezig, een hond die aan een slappe lijn meeloopt met zijn begeleider!

Hoe ontstaat dat gedrag?

Honden die op jacht zijn lopen met gemak zo’n dertig kilometer per uur en kunnen dat uren volhouden. Dat is wel even wat anders dan dat slakkengangetje van ons van zo’n kleine vier kilometer per uur. Honden willen graag zo snel mogelijk naar de plek die ze leuk vinden: het park of het bos waar ze los kunnen lopen en pret kunnen maken. Maar de voornaamste reden dat honden trekken is dat ze niet anders hebben geleerd. En als ze eenmaal trekken worden ze weliswaar door een ruk aan de lijn (en soms zelfs een klap over de neus met het einde van de lijn) gecorrigeerd, maar die correcties zijn niet effectief. Ze stoppen het getrek misschien even, maar daarna trekken ze gewoon verder.

Een extra probleem bij het corrigeren is dat bij een verkeerde toepassing van het leerproces men het omgekeerde bereikt van wat men bedoelt. Doordat er meteen daarna beloond wordt voor het juiste gedrag, wordt de correctie een aanzet naar de beloning. De hond zal gaan trekken om zijn braaf of lekkers te krijgen.

Corrigeren heeft zelden het gewenste effect, hooguit stopt het het gedrag even. Dat geeft de eigenaar dan weer even rust waardoor deze blijft straffen, ook al beseft hij dat er niets aan het gedrag echt verandert, dat het zelfs vaak erger wordt. Aandacht aan gewenst gedrag is gewoon veel nuttiger, zeker op de lange duur.

Hoe voorkomt u dat uw hond gaat trekken?

Als u een hond van jongs af aan laat merken dat er alleen verder wordt gelopen als de lijn slap is en u houdt dit consequent vol, zal zo’n hond niet aan de lijn gaan trekken. Het verderlopen als de lijn slap valt, wat actief gedrag van de hond is waarbij ook aandacht voor de eigenaar wordt verlangd, is de beloning voor het netjes meelopen.

Gebruik dingen die hij leuk vindt als beloning voor een slappe lijn
Als u weet dat uw hond graag met andere honden speelt en u heeft daar geen bezwaar tegen, dan kunt u dat als beloning gebruiken voor het niet trekken aan de lijn. Hij mag dan los van de lijn als hij niet trekt. Als uw hond graag snuffelend contact maakt met andere honden en u heeft daar geen bezwaar tegen, kunt u dat gebruiken als beloning voor het niet trekken. Net zo kunt u de begroeting en aandacht van andere mensen gebruiken als beloning voor het niet trekken. Geen contact zolang je trekt, wel contact als je netjes meeloopt.

Hoe lang zal het duren voordat zo’n hond begrijpt dat het handiger is om niet te trekken? Drie weken? Een maand? Eerder een paar dagen. Houdt u zich consequent aan deze leefregel dan zal de hond altijd netjes met een losse lijn blijven meelopen. Geeft u af en toe wel toe, of iemand anders van het gezin, dan zal de hond leren wel te trekken. Daarom vind ik het niet handig als jonge kinderen de hond uitlaten, hoe gezellig dat voor hen en makkelijk voor u dat ook is.

Een hond die aan de lijn trekt heeft niet anders geleerd
Door consequent te laten merken dat trekken aan de lijn hem nergens brengt en niet trekken aan de lijn maakt dat hij leuke dingen mag doen, zal een hond ervoor kiezen om niet te trekken.

Hoe leert een hond om voortaan netjes mee te lopen zonder te trekken?

Misschien heeft uw hond al de gewoonte om aan de lijn te trekken en waarschijnlijk bent u daar niet blij mee. U kunt uw hond alleen ander gedrag bijbrengen door hem vorstelijk te belonen als hij netjes met u meeloopt. Alleen verderlopen als hij niet trekt, wat volstond bij de jonge hond die alles nog moest leren, volstaat nu meestal niet. Het blijkt een te lange weg naar succes, waardoor de hond moeilijk begrijpt wat er moet veranderen en menig eigenaar voortijdig afhaakt.

Bij het veranderen van een gewoonte is de clicker een zeer nuttig hulpmiddel om het gewenste gedrag duidelijk in te kaderen. U hoeft niet per se een clicker te gebruiken om uw hond te leren netjes mee te lopen, maar het maakt het hem wel veel makkelijker om uw bedoeling te begrijpen.

Doe het volgende: lijn uw hond aan en ga naar buiten. Click en beloon zo gauw uw hond even niet trekt, dus het eerste moment waarop de druk iets van de lijn af is. Click steeds zo gauw zich een kans voordoet. Blijf staan als de hond trekt, zeg verder niets en reageer niet door een ruk( je) aan de lijn te geven. Negeer het trekken, maar ga niet verder. Click steeds als de hond even niet trekt, beloon en loop net zover totdat er weer druk op de lijn komt. Dan staat u weer stil en herhaalt de procedure. U verbindt op deze manier duidelijke consequenties aan zijn gedrag: met trekken bereik je niets, met rustig meelopen krijg je een click en beloning en lopen we verder. Rustig meelopen levert duidelijk veel meer prettigs op. Dat is de enige reden waarom de hond steeds mooier zal gaan meelopen. Hij doet dat niet omdat hij u aardig vindt, maar omdat hem dat het meeste oplevert. Zo simpel werkt leren.

In het begin clickt u alleen voor het wegvallen van de druk op de lijn, maar u stelt uw norm bij als dat goed gaat. Dan heeft u een nieuwe norm: een paar stapjes meelopen zonder te trekken alvorens u clickt. Heeft u dat bereikt, dan gaat u pas clicken als de hond een paar meter netjes meeloopt.

Zo stelt u steeds de norm bij totdat uw hond vrijwel voortdurend netjes meeloopt. Mocht hij tussendoor gaan trekken, dan blijft u staan en wacht rustig af. U gaat pas verder als uw hond uit zichzelf naast u komt staan om de druk van de lijn te halen en clickt pas weer als de afstand opnieuw gehaald is die behaald werd voordat de hond begon te trekken. Niet eerder!

Trekken als de weg naar beloning
Als u uw hond steeds blijft clicken/belonen als hij nadat hij aan de lijn trok eventjes niet trekt en uw norm niet verhoogt naar steeds een beetje langer netjes meelopen, dan leert u uw hond te trekken. Het trekken is dan een doel naar de click geworden in plaats van het meelopen. U heeft uw hond iets heel anders geleerd dan uw bedoeling was. Dit is een veel voorkomende valkuil, dus realiseer u steeds heel precies waarom en wanneer u beloont!

Ga over op intervalbeloning

Als uw hond begrepen heeft wat de bedoeling is en vrijwel steeds netjes meeloopt, gaat u over op intervalbeloning. U clickt niet langer elke keer voor de behaalde norm, maar maakt de click onvoorspelbaar.

Oogcontact
Het is belangrijk dat uw hond leert op u te letten. Daartoe kunt u hem clicken als hij naar u omkijkt en oogcontact maakt. Daarna gaat u clicken voor het niet trekken.

Onderhoud het geleerde gedrag

Natuurlijk bent u er niet met een paar daagjes oefenen, u zult een paar weken moeten oefenen om echt een nieuwe gewoonte aan te leren. Er moeten immers nieuwe verbindingen in het hoofd van uw hond worden gevormd die sterker zijn dan de verbindingen van het oude gedrag, en vervolgens zult u die gewoonte moeten onderhouden met af en toe een (sociale) beloning.

Zorg voortaan dat trekken nooit succes heeft en rustig meelopen wel. Onderhoud het gedrag door het af en toe te belonen, soms met lekkers, meestal met sociale ondersteuning. Clicken is dan niet meer nodig.

Onthoud:

– Aanleren: steeds clicken bij elk stapje in de goede richting

– Vastzetten: intervalbeloning, dus onvoorspelbaar clicken

– Onderhouden: af en toe belonen door sociale beloningen zonder click (!)

VERVANG ‘IK WIL NIET DAT MIJN HOND ZIJN VOEDERBAK VERDEDIGT’ DOOR ‘IK WIL GRAAG DAT MIJN HOND ZIJN VOEDERBAK ONTSPANNEN AFGEEFT’

Het is een beangstigende ervaring als een hond zijn voederbak verdedigt door vervaarlijk te grommen. Dat gedrag kan zelfs zulke vormen aannemen dat men de keuken niet meer in mag omdat de hond daar staat te eten. Sommige honden verdedigen zelfs leeggegeten voederbakken. Zeker als er kinderen in huis zijn, is dat gedrag te gevaarlijk om te tolereren omdat kinderen nu eenmaal onverwachte dingen doen.

Hoe ontstaat dat gedrag?

Veel fokkers laten de pups uit een gezamenlijke bak eten, ook als ze al wat ouder zijn. Als ze net geboren zijn voeren pups al strijd om de beste tepel met de meeste melk. De vitaalste pup heeft het meeste succes. De andere pups moeten genoegen nemen met ietsje minder en worden ook daarmee zonder problemen groot. Er zijn meestal tepels en melk genoeg voor alle pups. Als ze eenmaal een tepel bezet hebben, drinken de pups rustig en tevreden verder. Zijn de pups groter en sterker en moeten ze gezamenlijk uit een bak eten, dan hebben ze te weinig rust doordat ze zich steeds moeten verdedigen tegen wegduwen en platwalsen door hun sterkere nestgenootjes. Dat geeft veel spanning waardoor vechtpartijtjes ontstaan die eerder niet aan de orde waren. De pups raken gefixeerd op eten en op de verdediging van hun rechtmatige portie.

Als dergelijke pups bij u thuiskomen zijn ze meer gericht op eventuele bedreiging van hun maaltijd dan pups die heel relaxed hebben kunnen eten. Maar ook die laatste kunnen baknijd ontwikkelen als een eigenaar denkt dat hij altijd alles van zijn hond moet kunnen afpakken om de doodeenvoudige reden dat hij de baas is. Een foute gedachte die helaas veel problemen (heeft) veroorzaakt omdat de gefrustreerde eigenaar zijn hond voor het verdedigen van zijn voederbak, kluif of speeltje boos toespreekt, slaat, in zijn nekvel grijpt, naar zijn plaats stuurt, wegsluit of anderszins corrigeert. Soms ondergaan honden zo’n straf gelaten, maar andere verzetten zich ertegen door nog heftiger uit te vallen en zelfs te bijten. De relatie staat onder druk en het wederzijdse vertrouwen is geschonden.

Hoe voorkomt u dat uw hond baknijd ontwikkelt?

Om te beginnen kunnen pups beter apart te eten krijgen om daarmee het ontwikkelen van baknijd te voorkomen. Nog belangrijker is hoe het toekomstige gezin met het probleem omgaat. Als u zich realiseert dat baknijd ontstaat doordat de hond het gevoel heeft dat zijn maaltje bedreigd wordt, kunt u ervoor zorgen dat de hond dat gevoel niet heeft. Het gaat als volgt: pak de hond nooit iets af zonder hem daarvoor iets in de plaats te geven. Geef hem iets wat lekkerder is dan wat u wegnam en geef wat u wegnam vervolgens weer terug. Dat laatste is heel belangrijk, want daardoor leert de hond dat afgeven iets leuks oplevert maar ook dat hij weer terugkrijgt wat hij afgaf. Hij wint dus dubbelop met dit ruilen! Als u dit van jongs af aan oefent, krijgt u een hond die niet alert wordt, niet gespannen raakt als u in de buurt van zijn voerbak of speeltje komt. Tegelijk kunt u hem het woordje ‘los’ aanleren door dat te zeggen op het moment dat de hond zijn hoofd uit zijn voerbak haalt of zijn speeltje loslaat. Zet dat ‘los’ ietsje naar voren naarmate het gedrag vanzelfsprekender wordt. Zo leert u een hond om iets los te laten of met rust te laten als u ‘los’ zegt. Ruilen blijft belangrijk, niet altijd maar wel af en toe. Onderhoud het geleerde door af en toe te ruilen!

Hoe leer ik mijn hond om voortaan zijn voerbak zonder spanning af te geven?

Verstart uw hond als u of een van de andere gezinsleden in zijn buurt komt als-ie staat te eten? Dan is daar gelukkig wat aan te doen. Houd de veiligheid altijd hoog in het vaandel. Als u op die momenten bang bent voor uw hond omdat hij u ernstig bedreigt, vraag dan altijd hulp van een gedragsdeskundige. Het is helemaal geen schande om bang te zijn als uw hond dreigt; het is verstandig om dat te erkennen voordat er ongelukken gebeuren. Een hondenbeet is geen grapje en maakt zo’n indruk dat het de relatie voor altijd kan verstoren. Het gevolg kan zijn dat de hond weggedaan moet worden of misschien zelfs een spuitje van de dierenarts krijgt. Professionele hulp kan dat voorkomen. Het is dus in uw belang en in het belang van uw hond bij twijfel altijd hulp te zoeken.

Veiligheid staat altijd bovenaan
Houd veiligheid boven alles! Raadpleeg een gedragsdeskundige als u uw hond niet vertrouwt of niet zeker genoeg bent van uzelf!

Ruilen zonder huilen

Ook hier geldt dat u de hond laat merken dat u niet op zijn eten uit bent. Dat gaat weer via het systeem van ruilen voor iets extra’s en dan het geruilde weer terugkrijgen. Neem een voederbak in uw ene hand en leg daar een dagelijks voertje in. In uw andere hand neemt u ook een voederbak, maar dan eentje met een paar stukjes extra lekkers erin.

Houd de bak met het normale voertje voor de hond en zeg ‘pak maar’ op het moment dat hij zijn neus ernaartoe brengt. Als hij het voertje gepakt heeft, is zijn bak leeg en zal hij zijn hoofd optillen. Op dat moment zegt u snel ‘los’ en geeft hem de bak met het extra lekkers. Loop vervolgens gewoon weg en bemoei u niet meer met hond of voederbak. Pas als de hond naar buiten is voor een wandeling haalt u zijn voerbak weg.

Herhaal deze oefening een paar keer per dag. Zorg steeds dat u ‘los’ zegt als hij zijn neus uit zijn bak tilt. Er zal een moment komen waarop uw hond u verwachtingsvol gaat aankijken als de bak met het dagelijkse brokje leeg is. Dat is het moment waarop zijn normale alerte houding, die gericht is op verdediging van zijn bak, begint te veranderen in verwachting. Dat is wat we willen hebben. Ga nog een paar dagen een paar keer per dag op deze manier verder. Varieer het extra lekkers in smaak maar wel zo dat u zeker weet dat uw hond dat lekkers echt waardeert. De bedoeling is dat de hond zijn gespannen houding laat varen en ontspannen komt aanlopen als deze leersessie begint. Op alle andere momenten dat de hond te eten krijgt, zet u zijn bak neer en bemoeit u zich er niet mee. Ook die bak haalt u pas weg als de hond voor een uitje naar buiten is.

Vertrouw op uw intuïtie
Vertrouwt u uw hond niet ondanks dat het dreigen niet al te hevig is, dan zou u iemand die de hond kent kunnen vragen hem aan de lijn te houden. Het is echter beter om ook in dit geval een gedrags deskundige in te schakelen. Luister altijd naar uw intuïtie, die liegt namelijk nooit!

Ga eerst even zitten

Als uw hond gaat uitkijken naar deze leersessies en vrolijk en ontspannen is op het moment dat u ‘los’ zegt, bouwt u de oefening verder uit. U vraagt de hond nu eerst om een ‘zit’ om zijn extra lekkere hapje te krijgen. Leg geen dwang op. Zeg eenmaal ‘zit’; luistert hij niet dan zet u die bak met lekkers weg en geeft u hem zijn bak met gewoon voer weer terug. Na tien minuten probeert u het opnieuw. Als hij nu wel gaat zitten geeft u hem het extra lekkers. Gaat hij niet zitten, dan herhaalt u de procedure. Gaat uw hond weer niet zitten, dan zet u de bak weg. Na een uurtje start u de oefening opnieuw maar nu zonder de ‘zit’. U bent waarschijnlijk te snel gegaan en de hond was meer gespannen dan u dacht. Oefen nog een aantal dagen zonder ‘zit’ en probeer het dan opnieuw. Ik ga er natuurlijk wel vanuit dat uw hond weet wat ‘zit’ is en daar normaal gesproken geen punt van maakt. Mocht dat niet het geval zijn, oefen dat dan eerst alvorens de baknijd weg te trainen.

Misschien een strijd om de macht?

Het kan zijn dat uw hond niet alleen bij zijn voederbak kuren vertoont, maar zich op andere momenten ook weinig van u aantrekt. Of hij is de hele dag bezig u uit te proberen met druk, aandachteisend gedrag zoals veel blaffen, door het huis rennen, steeds poten willen geven als u rustig zit enzovoort. In dat geval raad ik u aan uw hond letterlijk ‘uit uw hand te laten eten’ zoals in hoofdstuk 1 beschreven wordt.

Machtsstrijd?
Bij een strijd om de macht is het beter om eerst uw hond zijn dagelijkse maaltijd uit de hand te voeren zoals beschreven in hoofdstuk 1. Zo krijgt u medewerking zonder dat u fysiek macht hoeft te gebruiken. Fysieke druk keert zich meestal tegen u. Begin daar dus nooit aan of laat het vanaf nu achter u.

Kijk, hij gaat zomaar zitten

U bent nu zover gekomen dat uw hond gaat zitten om zijn extra lekkers te krijgen. U kunt het zitten nu ook gaan vragen als u uw hond op etenstijd zijn normale eten geeft. Gaat hij niet zitten? Maakt niet uit. U zet zonder enig commentaar zijn bak voer weg, demonstratief,maar zonder naar uw hond om te kijken. Na een minuut of tien krijgt hij een nieuwe kans. Luistert hij weer niet, maakt weer niet uit. U wacht nu tot de volgende etenstijd om het opnieuw te proberen. Zo nodig herhaalt u dit een paar keer. Misschien heeft dat tot gevolg dat uw hond een of misschien zelfs twee maaltijden overslaat. Ook dat hindert niet. Honden kunnen prima een maaltijd overslaan. Drinken is wel belangrijk, dus dat zet u niet op rantsoen.

Denk er wel om ondertussen uw leersessies met het dagelijkse voertje en het extra lekkers gewoon door te zetten! Voer de hoeveelheid normaal voer langzaam op en kijk hoe uw hond op het woordje ‘los’ reageert. Reageert hij door zijn hoofd op te tillen en uit zijn bak te halen terwijl er nog eten over is, dan heeft hij de oefening begrepen. Houd de oefensessies op deze manier een paar weken vol, net zolang totdat uw hond altijd een gedeelte van zijn normale voer laat voor wat het is als u ‘los’ zegt.

Zorg dat u niet boos wordt of aandringt. Het was een lange weg om baknijd aan te leren, het afleren ervan vraagt minstens zo veel tijd. Rustig volhouden, daar gaat het om.

Pas als uw hond net zolang blijft zitten als u zegt…

Nu ‘los’ bij het extra lekkere voer

Pas als dit echt ontspannen gaat en u er zelf ook een prettig gevoel bij heeft, kunt u de oefening verzwaren. U geeft daartoe geen gewone brokjes meer, maar de lekkerder versnapering die u gaat ruilen voor een andere lekkere versnapering. Begin weer met een hapje extra lekkers en wat meer van het ruillekkers.

Bouw de oefening weer uit zoals hierboven beschreven is. Neem de tijd, ga bij spanning een stapje terug en oefen weer een paar dagen op dat lagere niveau.

‘Los’ bij een speeltje

U kunt het ‘los’ extra oefenen door het ook met speeltjes te gebruiken. Doe een trekspelletje met een speeltje waar uw hond geen strijd van maakt. Ruil dat speeltje met het woordje ‘los’ met iets lekkers en geef het speeltje terug of ruil het voor een ander, leuker speeltje. Of gooi een balletje weg als beloning voor het loslaten.

Rechts:
…die u als hij hem loslaat ruilt voor een ander bal.

Niets interesseert u minder
Ga nooit achter uw hond aan als hij met een speeltje wegloopt! Negeer hem totaal en maak zelf plezier met een ander speeltje. Of leg het lekkers dat u bedoeld had om mee te ruilen demonstratief weg zonder uw hond een blik of woord waardig te keuren. Later krijgt hij een nieuwe kans.

Gelukt!

Gaat het goed, zet dan de bak nadat de hond eerst is gaan zitten met het gewone voer op de grond. Geef het extra lekkers pas als uw hond op uw ‘los’ eten in zijn bak laat liggen en gaat zitten voor het portie ‘extra lekkere’. Dring niet aan, laat hem leren wat werkt. Als het niet lukt, loopt u gewoon met de bak extra lekkers weg.

Geen resultaat? Zoek hulp!

De meeste honden kiezen op deze manier al snel eieren voor hun geld. Blijft u na twee weken problemen houden zonder duidelijke vorderingen te zien, zoek dan hulp!

Kijk wat u wilt hebben
Kijk altijd naar welk gedrag u wel wilt zien en bedenk dan wat u moet doen om dat te kunnen belonen. Maak een plan en houd u daaraan. Lukt het niet, kijk dan wat er gebeurt waardoor het ongewenste gedrag blijft bestaan. Vraag anderen om mee te kijken. Er is altijd iets wat wij zelf doen dat zin aan zijn gedrag geeft. Zelfkritiek en een begeleidingsplan zijn noodzakelijk om uw hond te leren wat u van hem verwacht.

VERVANG ‘IK WIL NIET DAT MIJN HOND ALDOOR POTEN GEEFT ALS IK RUSTIG ZIT’ DOOR ‘IK WIL DAT MIJN HOND MIJ MET RUST LAAT ALS IK LEES’

Het is behoorlijk irritant als u niet rustig een krant kunt lezen of televisie kunt kijken omdat uw hond steeds om aandacht vraagt door poten te of door te jengelen en te piepen. Sommige honden gaan zelfs voortdurend voor het beeld staan en verpesten daarmee een spannende film.

Hoe ontstaat dat gedrag?

Honden zijn dol op aandacht, niets is belangrijker dan dat. Als ze merken dat u reageert op hun gejengel of poten geven, gaan ze dat heel efficiënt gebruiken om aandacht af te dwingen. U reageert vast niet altijd meer tegen de tijd dat u het gedrag niet langer schattig maar irritant begint te vinden. Uw hond geeft echter meestal niet op en om rust te hebben geeft u toe. U kroelt hem dan wat chagrijnig achter de oren terwijl u een halve blik in de krant of op de televisie werpt. Maar niet alle honden nemen genoegen met hun halve winst en gaan steeds tussen u en de televisie staan. Ze weten dat dat gegarandeerd succes heeft omdat u dan wel móet reageren als u wilt blijven kijken. U moppert op uw hond, staat op om hem naar zijn plaats te brengen en geeft hem daar een speeltje of kluifje om zich mee bezig te houden. Of u geeft niets en negeert hem. Uw aandacht, al dan niet negatief, het geven van iets lekkers of een speeltje houden het gedrag in stand en maken het erger. Het feit dat u geen aandacht aan de hond schenkt als hij rustig op zijn plaats ligt, zorgt ook dat hij steeds weer de fout ingaat.

Af en toe toegeven keert zich pas echt tegen u
Als u af en toe uw hond zijn zin geeft om van het gezeur af te zijn en doet wat hij vraagt, zet u dat gedrag op intervalbeloning, het leerproces dat gedrag sterker en sterker maakt. Zo leert u uw hond juist om opdringerig en veeleisend te zijn.

Rechts:
Geef uw hond iets als beloning als hij rustig op zijn plaats ligt.

Zorgt dat uw hond u met rust laat als u iets voor uzelf doet

Geef uw hond aandacht als hij zich gedraagt zoals u bevalt. Ligt hij uit zichzelf op zijn plaats, breng hem dan iets lekkers of een speeltje, geef hem een aai of knik hem met een vriendelijke glimlach toe. Uw hond hoeft dan helemaal niet uw aandacht af te dwingen om het te krijgen en zal daarom dat hinderlijk aandacht vragende gedrag niet ontwikkelen.

Onder:
Zo’n rubberen Kong kunt u vullen met lekkers om uit te likken.

Hoe leert mijn hond mij voortaan met rust te laten?

Geef uw hond aandacht als hij u even met rust laat. Neem eerst genoegen met kleine momenten en verras hem met leuke attenties. Negeer zijn gedram. Het mooiste is meteen weg te lopen als hij ermee begint. Loop de kamer uit zonder op hem te letten. Dat is nou net helemaal niet wat hij voor ogen had. Als u dat consequent volhoudt zal hij zijn fratsen snel opgeven. Essentieel is wel dat uw hond aandacht krijgt als hij niet kliert. Geef aandacht op de juiste momenten maar doe ook leuke dingen met hem. Zorg dat u een relatie met hem opbouwt. Breng verrassingen in zijn leven.

Aangeleerd
Omdat vrijwel al het gedrag dat een hond vertoont ontstaan is omdat hem niet anders is geleerd, zou je kunnen zeggen dat men de hond krijgt die men verdient.

VERVANG ‘IK WIL NIET DAT MIJN HOND STEELT’ DOOR ‘IK WIL RUSTIG ETEN KUNNEN LATEN LIGGEN ZONDER ME STEEDS DRUK TE MAKEN OVER WAT MIJN HOND ZAL DOEN’.

Natuurlijk is het om razend te worden als u koekjes op tafel hebt staan en zodra u terugkeert met de koffie ziet dat uw hond de koekjes heeft gestolen. En een biefstuk die op het aanrecht klaarligt om gebakken te worden en vervolgens in de mond van de hond verdwijnt, is ook niet om blij van te worden.

Hoe is dat gedrag ontstaan?

Honden in de vrije natuur moeten iedere kans op eten grijpen. Om te overleven kunnen zij zich niet permitteren een maaltje te laten lopen. Ze weten immers niet wanneer zich een volgende kans voordoet en of hun jacht dan ook succes zal hebben. Die levenshouding zit ook in uw hond opgeslagen.

Hoe voorkom ik dat mijn hond gaat stelen?

Zolang uw hond nog niet heeft geleerd dat eten op de tafel of het aanrecht niet voor hem is, moet u er steeds op bedacht zijn dat hij rondloopt. Laat geen eten zonder toezicht op tafel of aanrecht staan. Sluit ook de vaatwasmachine altijd af om te voorkomen dat uw hond leert dat er vlak bij het aanrecht veel lekkers te halen valt. Een stapje verder naar stelen van het aanrecht is dan zo gemaakt.

Voorkom dat hij steelt
Als uw hond eenmaal in de fout is gegaan en van de verboden vruchten heeft gegeten, is het veel moeilijker om hem dat af te leren. Gedrag dat succes oplevert wordt immers herhaald. Dus voorkom in het begin heel secuur dat uw hond kan stelen!

Leer hem dat alles wat op tafel of aanrecht staat niet voor hem is

Zet op afstand wat koekjes op tafel en houd een bakje met lekkers voor uw hond in de buurt. Geef uw hond steeds iets lekkers als hij niet vlak in de buurt van de tafel is. U kunt hierbij een clicker gebruiken, maar dat hoeft niet. De keuze is aan u. Laat de hond wat dichter bij de tafel komen en geef hem lekkers als hij niet aan de tafel snuffelt. Beloon veel!
Als uw hond nog dichterbij is gekomen, zal hij vermoedelijk willen weten wat die heerlijke geur in zijn neus veroorzaakt. U doet niets, u zegt niets.

Zorg dat uw hond het lekkers niet te pakken kan krijgen door het zo ver weg te zetten dat hij er niet bij kan. Als hij zijn neus van de tafel terughaalt, beloont u hem.

Beloon nu steeds als hij niet langs de tafel snuffelt. Ga net zolang door totdat uw hond in staat is langs de tafel met lekkers te lopen zonder interesse te tonen.

Als dat gelukt is, zet u het lekkers wat dichter naar de rand van de tafel en herhaalt de oefening. Ten slotte zet u het lekkers zo dicht bij de rand dat uw hond het met gemak zou kunnen pakken.

Beloon ook nu weer voor het negeren van dat lekkers. Zorg voor heerlijke versnaperingen als beloning. Het is immers best moeilijk wat u van uw hond vraagt. Het gaat helemaal tegen zijn natuur in, die hem influistert het lekkers van u én van de tafel te bemachtigen.

Oefen net zo met etenswaar op het aanrecht! Oefen op alle plekken waar eten te bemachtigen valt.

Moeilijk? Helemaal niet!

Als u het stelen van een vorige hond gewend bent, denkt u misschien dat dit helemaal niet zo’n makkelijke oefening is. Dat is het echter wel voor een hond die nog nooit van tafel gestolen heeft. Het zit nog niet in zijn systeem dat dat mogelijk is. Ik verzeker u dat als u dit regelmatig oefent en verschillende smaken op tafel zet, de kans heel klein is dat uw hond een notoire dief zal worden.

Samenvattend 1e deel

Veel ongewenst gedrag ontstaat omdat het succes heeft; u reageert erop, al dan niet met negatieve aandacht. Door steeds te bedenken welk gedrag u ervoor in de plaats wil hebben en daar de aandacht op te vestigen, zorgt u dat het gewenste gedrag beloond wordt. Door weg te lopen of ongewenst gedrag op een andere manier te negeren zorgt u dat dat gedrag niet het effect heeft dat de hond verwacht had en daarom zal dat gedrag afnemen. Het gewenste gedrag dat wel effect had zal echter toenemen en in de plaats komen van het ongewenste gedrag.
 Oefen liever op voorhand op gewenst gedrag dan te wachten totdat de hond in de fout gaat en dan pas in te grijpen.

Regeren is vooruitzien

‘Mijn hond luistert goed behalve als…’ Komt die uitspraak u bekend voor? Heeft u dat ook? Als u de zwakke punten van uw hond kunt voorzien kunt u hem trainen op zelfbeheersing. Management en zelfdiscipline maken een wereld van verschil.

‘Mijn hond luistert goed behalve als…’ is net zoiets als een bal in het doel kunnen schoppen behalve als er een keeper in staat. Uw hond luistert alleen onder bepaalde omstandigheden, dat is het hele punt. Andere omstandigheden zijn niet systematisch met hem geoefend. Hij weet niet dat uw ‘hier’ ook geldt als hij met andere honden aan het spelen is omdat u dat niet met hem hebt geoefend. U hebt op een rustige plek met hem geoefend en toen dat goed ging dacht u dat u klaar was. U dacht dat uw hond zou begrijpen dat ‘hier’ voortaan overal dezelfde betekenis zou hebben. Maar zo werkt dat niet. U had hem dat ook moeten leren.

Opvoeden is klaarstomen voor de uitdagingen en verrassingen van het leven

Opvoeden betekent klaarmaken voor een leven als volwassene. Het betekent dat je als opvoeder de verantwoording hebt om te zorgen dat de juiste keuzes gemaakt kunnen worden. Dat vraagt om oefening en ervaring vooraf. Daarom zult u ook uw hond moeten voorbereiden op alle omstandigheden die bij zijn leven horen als hij volwassen is en in het volle leven staat.

Nooit volwassen
Anders dan bij kinderen worden honden nooit helemaal volwassen, ze blijven afhankelijk van onze verzorging en gedragen zich daarom soms als jonge honden. Veel lichaamstaal uit hun jeugd blijft behouden omdat daarmee verzorging wordt verkregen. Onze gezinshonden zijn in principe afhankelijk van onze beslissingen en kijken naar ons om informatie te verkrijgen over hoe zij zich moeten gedragen. Geeft u die informatie niet of halfslachtig,dan zullen honden doen wat zij denken dat goed is. Helaas is dat maar zelden gedrag dat wij zo bedoeld hebben. Er zijn natuurlijk ook honden die zich niets van hun eigenaar aantrekken en volstrekt hun eigen gang gaan, waarbij zij hun baasjes manipuleren en leren luisteren met een vakmanschap om jaloers op te zijn.

Wat voor soort leven krijgt uw hond?

Het is goed om u voor te stellen wat uw hond allemaal zal tegenkomen in het leven met u samen. Dat is niet voor elke hond hetzelfde. Een hond op een boerderij of in een chique woonwijk met vrijstaande huizen leidt een totaal ander leven met totaal andere ervaringen dan een hond in de stad. Honden moeten daarom verschillende vaardigheden opdoen. Bedenk dat het leven van een hond in de toekomst kan veranderen. De boerderijhond wordt misschien wel een stadshond als de dochter des huizes op zichzelf gaat wonen en ‘haar’ hond meeneemt. Het is wel zo prettig als hij dan gewend is aan verkeer. De stadshond gaat misschien verhuizen naar een ruimer huis als er kinderen komen. Nu vindt u zijn waakzaamheid misschien wel prettig,maar straks kan het hinderlijk zijn als hij in de tuin naar alles toevliegt dat langs zijn hek komt.

Over welk ongewenst gedrag wordt het meest geklaagd?

Honden zijn verschillend wat karakter en temperament betreft. Eén ding hebben ze echter onbetwistbaar gemeen: ze leren hetzelfde. Daarom komen we bij verschillende type honden ook dezelfde problemen tegen. Veel voorkomende klachten zijn: onze hond luistert niet als je hem roept, onze hond komt altijd behalve als hij met andere honden speelt, onze hond eet van de straat en onze hond jaagt achter fietsers en/of joggers aan.

Breng alle zwakke momenten in kaart en train ze op voorhand

Hoe kunt u zorgen dat die problemen niet bij uw hond zullen optreden? Heel simpel door te weten dat ze kunnen ontstaan en dat vóór te zijn door te oefenen. Steeds een stapje meer vragen en een oefening telkens wat moeilijker maken. Dat is het enige wat echt helpt om probleemgedrag te voorkomen. Doet u dat niet, dan loopt u geheid een keer tegen gedrag op dat u niet van uw hond had verwacht. U heeft de kleine signalen gemist dat het probleem eraan kwam en hebt gedacht: dat was nu één keertje, morgen gebeurt dat niet meer. Niets is minder waar!

LEER UW HOND ALTIJD TE LUISTEREN ALS U HEM ROEPT

Hierkomen is een oefening die heel weinig getraind wordt, en dat is merkwaardig omdat er juist zo veel van afhangt. Alleen al het feit dat een wandeling maken geen leuk vooruitzicht is als u weet dat uw hond lak aan u heeft, is een goede reden om er echt iets aan te doen. Wacht dus niet totdat de problemen zich aandienen, maar oefen. En oefen. En oefen. Net zolang totdat uw hond echt luistert en als een speer komt aanlopen als u hem roept, ongeacht de afleiding van dat moment.

Komen in huis

Zorg dat u óf altijd een buideltje lekkers bij u heeft óf dat overal in huis waar de hond komt trommeltjes met lekkers staan. Gebruikt u een clicker: zorg dan dat u die altijd bij u heeft.

Management
Wees steeds goed voorbereid op wat komen gaat. U heeft het probleem voorzien en gaat er wat aan doen voordat het een feit is. Zorg dat u alle hulpmiddelen om het gedrag te trainen steeds voorhanden hebt. Dat kunnen de clicker en lekkers zijn, een lange lijn, maar ook de hulp van derden. U moet achteraf niet kunnen zeggen: ‘had ik nu maar mijn clicker of lekkers of de lijn meegenomen’. Doet zich een onverwacht probleem voor, dan is het immers het mooist om daar onmiddellijk iets mee te doen. Management is onontbeerlijk om een hond goed op te voeden.

Het is niet moeilijk om een hond in huis te leren komen. Dat gaat eigenlijk vanzelf omdat er altijd iets leuks gaat gebeuren als u binnenshuis uw hond roept. Hij mag mee uit, hij krijgt zijn eten of er wordt een spelletje met hem gedaan. De meeste honden luisteren dus in huis wel goed. U kunt dat proces bewuster maken en activeren door het echt te gaan oefenen en daarbij afleiding in te voeren.

– Roep uw hond in de kamer bij u en geef hem wat lekkers of click op het moment dat hij vlakbij u is en geef hem wat lekkers;
Let op: het is handig uw hond eraan te wennen te gaan zitten om zijn lekkers te krijgen waarbij u zijn halsband vasthoudt. Dat voorkomt niet alleen dat hij meteen weer de benen neemt, maar het vasthouden van zijn halsband wordt dan een normale handeling en niet het signaal: ‘Wat is het, waar is het, de beuk erin.’ U gebruikt het alleen als u ergens gevaar ziet aankomen (zie hoofdstuk 3). Het hoeft niet per se, het is een keuze

– Voer langzaam het tempo waarop uw hond komt op door alleen de snelste reactie te belonen

– Roep de hond tussen verschillende mensen heen en weer waarbij iedereen om de beurt de hond beloont

– Verstop u ergens in huis en laat de hond u zoeken. Beloon hem met vreugdekreten en lekkers als hij u vindt. Of click en beloon als u met de clicker werkt

– Roep de hond als hij rustig op zijn plek ligt

– Roep de hond terwijl iemand in huis hem zomaar om niets aait, de hond is dus niet met een bepaalde oefening bezig

– Roep de hond als hij met een speeltje bezig is en geef een ander speeltje of doe een spelletje

Zorg dat uw beloning afwisselend en onvoorspelbaar is. Als uw hond met een speeltje bezig was, gooi dan een ander speeltje voor hem weg als beloning dat hij is gekomen. Of speel een trekspelletje met hem, mits uw hond loslaat als u dat zegt. Lukt dat niet, leer hem dat dan eerst door te ruilen (zie hoofdstuk 4) of geef hem iets werkelijk verrukkelijks. Uw beloning moet waardevol zijn en opwegen tegen de bezigheid die de hond op dat moment verlaat!

Als de oefeningen goed gaan, kunt u ophouden met clicken. U beloont de hond dan met veel sociale ondersteuning, een spelletje, bal weggooien, speurspelletje of iets anders wat hij leuk vindt, zoals een uitje. Af en toe wat lekkers mag natuurlijk ook. Gebruik gewoon afwisselend alles wat de hond echt waardeert als beloning voor het komen als hij geroepen is. In het begin beloont u ook trage reacties, maar uiteindelijk alleen de snelste!

…leer uw hond de spelregels en zelfbeheersing: eerst keurig blijven zitten.

Geeft uw hond niets om een balletje?
Als uw hond niets om balletjes of andere spelletjes geeft is het handig om hem dat wel te leren. U heeft daar bij het aanleren van spelletjes en oefeningetjes namelijk zoveel profijt van dat het de moeite alleszins loont. In dit boek is er niet genoeg ruimte om u heel precies uit te leggen hoe dat gaat, maar in mijn boek Een puppy in huis en Nog beter omgaan met uw hond vindt u dat wel uitgebreid behandeld. U kunt de tekst ook opvragen door te mailen naar gedrag@martingaus.nl U krijgt deze dan via uw e-mail toegestuurd.

HIERKOMEN BUITENSHUIS

Begin in een rustige omgeving zonder afleiding. Houd de hond zo nodig eerst aangelijnd aan een lange lichte lijn van drie tot vijf meter. Hoe lichter de lijn, hoe beter. Het is niet de bedoeling dat de hond last van de lijn heeft. Hoe lichter de lijn, hoe minder het verschil als u de hond straks losmaakt.

– Als uw hond gauw afgeleid is, zorg dan dat er een muur achter hem is en laat hem daar zitten. Roep hem over kleine afstand bij u. Door het zitten is er meer rust en concentratie in uw hond en door de muur hoeft hij niet te letten op wat er achter hem is

– Roep uw hond in eerste instantie niet als hij vol belangstelling naar een andere hond kijkt, of naar een mens, een fiets of wat er ook maar langskomt

– Begin met een heel korte afstand

– Vergroot langzaam de afstand, u begint met een meter of twee

Let op: ga niet te snel. Pas als de afstand van twee meter geen enkele twijfel meer geeft, gaat u over naar drie meter, en dan naar vier. Alleen als de eerste meters echt helemaal goed gaan, kunt u er op vertrouwen dat de laatste meters ook goed zullen gaan en kunt u de afstand echt gaan vergroten.

– Laat de hond heen en weer rennen tussen twee en uiteindelijk meer mensen. Ze belonen hem allemaal. Gebruikt u de clicker, dan hebben ze allemaal een clicker. Zorg wel dat u iedereen goed instrueert!

– Verstop u terwijl iemand de hond vasthoudt. Eerst mag hij zien dat u zich verstopt. Later zet u de hond achterstevoren. Jubel als hij u vindt of click en beloon erbij

Leer hem een lesje!
Als uw hond een zeer moeilijke leerling blijkt wat deze oefening betreft, maar wel wat binding met u heeft, kunt u het volgende toepassen. Zorg voor een fantastisch lekkere beloning, een echte superbeloning: een stuk gerookte kip, stukje gebraden biefstuk, paling, klein blikje kattenvoer, maakt niet uit. Als uw hond het maar helemaal te gek vindt.

Bind uw hond vast aan een boom, lantaarnpaal of hekje en loop weg. Loop ver weg of zelfs uit zicht. Pas als uw hond zich duidelijk erg ongerust toont en gaat blaffen, jammeren, springend in de lijn gaat hangen om bij u te komen, gaat er iemand die de hond kent (maar geen gezinslid) naar hem toe en maakt hem los. Op dat moment roept u uw hond. Als hij bij u is gekomen, geeft u zo veel mogelijk sociale ondersteuning. U jubelt en knuffelt terwijl u hem bij zijn halsband vasthoudt. Het is mooi als uw hond daarbij gaat zitten, maar dat kan onder deze omstandigheden net iets te veel gevraagd zijn. Als uw hond gekalmeerd is, geeft u hem opnieuw vrij en roept hem terug zogauw hij maar een paar meter van u vandaan is. Grote kans dat hij nu wel meteen komt. Gebruik nu uw superbeloning! U heeft zelfs kans dat hij nu helemaal niet bij u vandaan wil. Mooi zo. Dat was precies de bedoeling. Doe leuke spelletjes met hem. Stop dan, lijn hem aan en ga naar huis.

Afleiding opvoeren

Voer langzaam de afleiding op, maar pas als het in de rustige omgeving goed gaat. Zorg voor beloningen die verrassen.

Leg lekkers neer dat uw hond moet leren te negeren als u hem bij u roept. Zorg dat er iemand in de buurt is om dat lekkers met een voet af te dekken. Of zet de hond aan een lange lijn als u geen hulp heeft en leg het lekkers net buiten zijn bereik.

Kom bij me, negeer dat lekkers

Laat iemand de hond voor u vasthouden en leg terwijl hij toekijkt iets niet zo heel lekkers (waar u hem even aan laat ruiken) een meter of twee van hem vandaan op de grond. Daar staat iemand die de hond goed kent. Laat uw hond de heerlijke beloning die u voor hem in petto heeft even ruiken. Doe een paar stappen weg.

Roep uw hond. Loopt hij naar het lekkers op de grond, dan loopt de persoon die hem vasthoudt wel mee maar de lijn weerhoudt de hond het lekkers te pakken. Is de hond onaangelijnd, dan zorgt de derde persoon dat hij het lekkers niet te pakken krijgt door er snel een voet op te zetten. Roep de hond nu nog één keer. Komt hij vlot naar u toe, dan beloont u hem met het extra lekkere dat u bij u heeft of u clickt en geeft dat extra lekkere. Herhaal dit hooguit drie keer op deze manier.

Daarna verandert u uw voorwaarde om het lekkers of de click met lekkers te kunnen krijgen! Gaat hij eerst naar het eten op de grond, dan krijgt hij geen herkansing, dus u roept niet nog een keer. De hond wordt aangelijnd als hij dat niet was en u herhaalt de oefening: iets niet zo lekker in de ogen van uw hond laten ruiken en neerleggen. Iets heerlijks laten ruiken en een paar stappen weglopen. U roept de hond en beloont als hij meteen naar u toekomt, en die kans is behoorlijk groot. Als dit goed gaat maakt u het eten wat u op de grond legt steeds lekkerder. U kunt ook leuke speeltjes neerleggen. Gaat dat allemaal goed, dan gaat u steeds wat verder weg staan. Vervolgens gaat de persoon die bij het eten staat weg. U moet de oefening dan wel weer vanaf het begin opbouwen, dus u staat nu dichterbij en de hond is weer net als in het begin aangelijnd.

Geen hulp? Geen nood

Heeft u niemand om u te helpen, dan kunt u uw hond aan een lange lijn ergens aan vastbinden. U laat uw hond zitten en u legt het lekkers buiten de reikwijdte van de lijn op de grond. U gaat zelf een paar stappen daarvandaan staan, nu binnen de reikwijdte van de lijn, en roept uw hond.Voor de rest reageert u als boven beschreven.

Blijf oefenen en houd hierkomen leuk!

Onderhoud het geleerde door het hierkomen tijdens elke wandeling af en toe te oefenen. Maak het tot een vast onderdeel. Varieer uw stemgebruik. Roep vrolijk en ontspannen én op bezorgde opgewonden toon de hond bij u. Loop soms hard weg terwijl u uw hond bij u roept. Speel met hem als hij gekomen is. Pak zijn halsband vast.

Door het ‘hier’ op deze manier te pas en te onpas te oefenen, voorkomt u dat het een negatieve lading krijgt omdat het altijd het einde van de pret is. En uw ‘hier’ wordt nooit het signaal tot gevaar.

Spelen smeedt een echte band
Gebruik steeds vaker speeltjes als beloning. Dat verbetert en onderhoudt de relatie en zorgt ervoor dat uw hond steeds minder belangstelling voor andere dingen gaat vertonen.

HIERKOMEN ALS ER ANDERE HONDEN IN DE BUURT ZIJN

Is het hierkomen buitenshuis met afleiding naar wens getraind, dan gaat u verder met het oefenen op het hierkomen als er andere honden in de buurt zijn.

Vraag vrienden met een hond te komen en laat die hond op enige afstand zitten. Laat uw hond in eerste instantie ook zitten en houd hem aangelijnd als u niet zeker van uw zaak bent; eerst aan een normale lijn, later als dat goed gaat aan een langere lijn.

Roep uw hond pas als hij niet naar die andere hond kijkt. Geef iets heerlijks of gooi een speeltje als beloning weg, vooropgesteld dat uw hond dat terugbrengt. Dat terugbrengen is wel een voorwaarde, want het mag niet gebeuren dat uw hond dat speeltje voor zichzelf houdt en daar in z’n eentje leuke dingen mee gaat doen. Lukt dat nog niet, gebruik dan een bal aan een touwtje of doe een trekspelletje met iets anders. De hond moet wel loslaten als u dat zegt! Zo niet, dan zult u hem door te ruilen dat eerst moeten leren.

Hierkomen vanuit spelen met andere honden

Hierkomen vanuit een spelsituatie is voor de meeste honden te veel gevraagd. Maar het is wel wat u wilt als u van mening bent dat uw hond met andere honden moet kunnen spelen. Als het bovenstaande goed gaat, kunt u uw hond gaan trainen op de discipline die nodig is om dit voor elkaar te krijgen.

Breng uw hond naar een afgesloten tuin of veldje. Is dat niet mogelijk, zorg dan voor een niet-prikkelende omgeving. Oefen als hierboven beschreven het hierkomen met uw hond tussen twee of drie mensen, eerst aangelijnd of aan een lange lijn, daarna los van de lijn. Laat een volwassen hond die goed kan luisteren, aangelijnd of los volgend rondlopen terwijl u oefent. Beloon uw hond ruimhartig als hij netjes luistert als u hem bij u roept. Zorg voor sociale ondersteuning, jubel, ren een stukje met hem, gooi een speeltje weg. Heb pret samen. U en uw hond, dat zijn twee handen op een buik. Maatjes.

De opgevoede hond loopt los terwijl uw hond netjes blijft zitten

Pas als dat helemaal goed gaat mag de andere hond los van de lijn rondlopen en hoeft hij niet meer naast zijn baasje te blijven. U laat nu uw hond naast u zitten, eerst aangelijnd, later los van de lijn. Pas als uw hond in staat is de andere hond te negeren, of er wel naar te kijken maar rustig te blijven zitten, en dat niet alleen nu doet maar ook morgen en overmorgen, pas dan is hij klaar voor de volgende oefening: luisteren en meteen hierkomen als hij met een hond speelt.

De opgevoede hond los van de lijn, uw hond los van de lijn

Beide honden zijn onaangelijnd (dat kan niet anders omdat spelende honden verward kunnen raken in elkaars lijn waardoor niet alleen een gevaarlijke situatie maar ook agressie kan ontstaan) en blijven zitten totdat u beiden zegt dat ze ‘vrij’ mogen. Laat de honden heel kort kennismaken en roep voordat ze samen wegrennen tegelijk uw honden bij u. De goed opgevoede hond zal naar zijn baasje terugkeren en als het meezit die van u ook. Jubel, ga uit uw dak, gooi een speeltje, geef iets heel speciaals, voor mijn part een halve gerookte kip.

Herhaal deze oefening net zo vaak totdat u zeker weet dat het goed gaat. Rent uw hond met de andere hond weg, dan begint u op een lager niveau opnieuw. Blijkbaar was uw hond toch niet zo stabiel en betrouwbaar in het luisteren als u had ingeschat.

Pas als dit stukje goed gaat, laat u de honden samen spelen en roepen u en de andere eigenaar ze terug als ze nog niet helemaal door het dolle zijn. Schakelen ze onmiddellijk door naar de hoogste versnelling, dan doet u niets. De eigenaar van de gehoorzame hond mag zijn hond wel bij zich roepen. U loopt rustig de andere kant op, maar u roept uw hond niet. U wacht totdat uw hond u uit zichzelf opzoekt (wat heel goed kan als u gewoon wegloopt) en roept ‘hier’ vlak voordat hij bij u is en beloont uw hond dan uitbundig.

Mocht de andere hond niet luisteren, dan wacht u beiden totdat het vuur uit het spel is. U kunt wel weglopen en u eventueel verstoppen, maar u roept uw hond niet. Pas als de honden hun eigenaar gaan zoeken en naar hen toekomen worden ze beloond.

Let op: In eerste instantie beloont u wel als uw hond u opzoekt nadat u bent weggelopen of u verstopt heeft. Later, als uw hond een paar keer wel is gekomen als u hem riep, niet meer. Dat om te voorkomen dat uw hond gaat wikken en wegen of hij het wel de moeite waard vindt om onmiddellijk te komen. Even doorspelen en toch beloond worden is dan immers veel aantrekkelijker omdat hij niets verliest.

ETEN VAN DE STRAAT

U kunt met deze manier van trainen ook voorkomen dat uw hond van straat gaat eten of in iets gaat liggen rollen. Sommige viezigheid (vossenpoep, kadavers van vis) is voor sommige honden zo heerlijk dat ze het haast niet kunnen weerstaan. Zijn ze eenmaal aan het rollen, dan kunt u het dus wel vergeten. Beter is dan gewoon maar rustig door te lopen en te wachten totdat uw hond bedenkt dat hij zichzelf genoeg geparfumeerd heeft. Dat is beter dan vruchteloos te roepen omdat dat uw ‘hier’ alleen maar ontkracht.

Zie je niet dat ik van de straat eet?
Hoewel sommige honden het heus heel lekker vinden om van de straat te eten, ontstaat dat gedrag ook vaak omdat het zo veel aandacht oplevert. Vooral honden die ingesteld zijn op samen iets ondernemen, kunnen dit gedrag ontwikkelen als er verder weinig (buiten) met ze gedaan wordt. Om te voorkomen dat aandacht de motivatie tot dergelijk gedrag wordt, kunt u er beter geen aandacht aan schenken. U mag gerust ‘nee’ roepen om uw hond ervan te weerhouden, maar als u steeds vaker ‘nee’ moet roepen, weet u dat er aandacht achter het gedrag zit. Veel beter is het om te negeren en te oefenen als hierboven. Heeft uw hond voor het eerst belangstelling voor paardenkeutels? Oefen dan onmiddellijk met paardenkeutels. Zoek ze op door bewust naar de omgeving te gaan waar paarden lopen en oefen als hiervoor beschreven.

U kunt als u wilt voor het negeren en netjes voorbij de keutels lopen uw clicker gebruiken. Vooral bij honden die al bezig zijn belangstelling ervoor te tonen is dat handig, omdat u het negeren zo mooi met een click kunt aanduiden. Vergeet niet om altijd na de click te belonen!

FIETSERS EN JOGGERS NEGEREN

Fietsers en joggers en honden, vrienden zullen het nooit worden. Fietsers en joggers denken dat honden het altijd op hun benen hebben begrepen en honden denken dat het wegvluchtende namaakprooien zijn. Jagen is een overlevingsstrategie, die ondanks dat wij honden te eten geven nog steeds diep in het hondenlijf zit. Bij goed gesocialiseerde honden speelt alleen die drang tot jagen een rol, bij minder goed gesocialiseerde honden speelt ook verdediging mee. De laatste zijn gevaarlijker omdat zij niet alleen achtervolgen om te jagen, maar ook om te bijten. Bij sommige honden speelt hun oorspronkelijke taak om de kudde te herderen een rol. Eigenlijk komt het jagen op fietsers en joggers vooral tot uiting als er geen alternatief voorhanden is.

U weet dat in het lijf van uw hond mogelijk een verlangen naar de jacht brandt. U wilt natuurlijk niet de rest van uw leven samen stijf van de zenuwen in bos of park wandelen. Daarom gaat u er nu al wat aan doen, ook om te voorkomen dat u achteraf moet zeggen ‘had ik maar’.

Ook een eenzame wandelaar kan de aandacht van uw hond trekken. Houd grip op uw hond door hem te leren wat u van hem verwacht. Afleiden met een spelletje mag ook, mits de hond de achtervolging niet al heeft ingezet. Want dan is het de beloning voor ongewenst gedrag!

Veel zegt niets
De meeste honden schenken geen enkele aandacht aan de tientallen fietsers die dagelijks langs de weg rijden. Het is de één op één situatie die de aandacht trekt en de neiging tot jagen aanwakkert.

Een fietser? Kom maar liever hier!

U heeft uw hond de oefening ‘hier’ al geleerd. Nu moet u hem leren ook te komen als er een fietser of jogger aankomt. Lijn uw hond aan en vraag vriend of kennis met de fiets op een afgesproken tijd en plaats in het bos te komen. Ze moeten op enige afstand blijven staan. Uw hond mag wel naar de fietser kijken. Op het moment dat hij er geen aandacht meer aan schenkt, roept u uw hond bij u en beloont hem met lekkers of een bal/speeltje. Gebruik in deze situatie liever een speeltje of bal om weg te gooien, vooropgesteld dat uw hond die ophaalt en bij u terugbrengt. Het voordeel daarvan is dat er een activiteit wordt ontplooid die kan concurreren met de activiteit en opwinding van najagen.

Weet wanneer u een speeltje weggooit
Houd altijd goed voor ogen dat op gewenst gedrag een beloning moet volgen. Als uw hond de fietser of joggers achternagaat en u gooit bal of speeltje dan als afleiding weg, beloont u het najagen.

Langzaamaan wordt er ook gefietst, bij iedere geslaagde stap wat sneller. Als u op deze manier met uw hond oefent, daarbij de afstand tot de fietser verkleint en vervolgens de afstand waarover de hond vrij mag rondlopen vergroot, leert u uw hond fietsers te negeren. Met joggers oefent u op dezelfde manier.

Hé hond, je doet me toch niets hè?

Als uw hond de fietsers eenmaal negeert of er kalm en zonder enige opwinding (!) even naar kijkt om vervolgens met u verder te spelen, is het mooi de fietsers te laten bellen, en als dat goed gaat iets naar u te laten roepen, en ten slotte als dat goed gaat naar de hond te laten kijken. Dat is namelijk wat fietsers doen. Hoe minder gevoelig u uw hond voor al dat gedoe maakt, hoe zekerder u er van kunt zijn dat u geen problemen met fietsers en joggers zult krijgen.

Dat overkomt u niet, denkt u?
Denk nooit dat gedrag dat er vandaag maar een heel klein beetje is, morgen over zal zijn. Het neemt toe, altijd, zo gauw het zich minimaal gemanifesteerd heeft. Bewijzen zijn even een blik naar een fietser werpen waarbij het lichaam ietsje verstart. Of een oor draaien in de richting van de fietser. Of even meerennen en dan uit zichzelf naar u terugkeren. Zo kunt u ook zien aankomen dat uw hond op andere honden gaat reageren. Of op mensen of kinderen. Het zijn maar minimale gedragsveranderingen, maar ze hebben maximale gevolgen. Dan is het echt de hoogste tijd in te grijpen! Nu kan het nog! Doet u nu niets, dan heeft u later een veel grotere klus te klaren.

Samenvattend laatste deel

U bent er niet met het oefenen van een eventueel probleem in de toekomst als u alleen maar traint zonder afleiding. Maak het steeds moeilijker voor uw hond om te doen wat u van hem vraagt en beloon hem met waardevolle zaken als hij gedrag laat zien wat u bevalt. Vrijwel alle gangbare problemen kunt u voorkomen door ze op voorhand te trainen en uw hond te vertellen wat u van hem in bepaalde omstandigheden verwacht. Wees bedacht op aankomend probleemgedrag door heel kleine veranderingen in de lichaamstaal van uw hond te signaleren en reageer er dan onmiddellijk op door een aangepaste training. Wat zich vandaag in het heel klein voordoet, wordt heel groot in de toekomst.

Einde

Nu zijn we aan het einde gekomen van dit artikel. Ik hoop dat ik je heb kunnen helpen met het maken van de juiste keuze. Zo niet, dan hoor ik dat graag in de comments hieronder. Ook als je iets aan dit artikel hebt gehad, hoor ik dat graag

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *